Concrete Werking

Melden

De VK’s zijn een aanspreekpunt voor alle mogelijke situaties van geweld op kinderen.
De meldingen kunnen komen van hulpverleners alsook van burgers die al dan niet verwezen zijn door het meldpunt 1712

Na de melding

Wanneer een situatie wordt aangemeld, probeert het VK een inschatting te maken van wat er juist aan de hand is met een kind of een jongere. Het VK tracht zicht te krijgen op de ernst en de omvang van het probleem en doet dit op verscheidene manieren.

Enerzijds proberen we contact te leggen met mensen die vanuit hun professionele bezigheden een beeld kunnen schetsen van het kind en zijn leefsituatie: een huisarts, een centrum voor leerlingenbegeleiding, diensten uit bijzondere jeugdzorg, …
Er wordt duidelijk gemaakt aan diegene waarmee contact wordt opgenomen dat het om een exploratie gaat, dat het betreffende kind en zijn gezin al dan niet reeds op de hoogte zijn en dat de meegedeelde informatie binnen het beroepsgeheim valt.

Anderzijds komen we met het VK direct tussen. Er is dan een gesprek met de minderjarige, de ouders en/of andere rechtstreeks betrokkenen. 
Een combinatie van beide methodes kan natuurlijk ook.

Elke aangemelde situatie is uniek en dient ook zo bekeken te worden. Er zijn geen standaardstrategieën beschikbaar. Bij elke situatie wordt ingeschat welke stappen er nodig zijn om meer informatie te verzamelen over een kind en zijn situatie.

Crisisinterventie

In een aantal situaties is de informatie zo verontrustend dat er een dringende tussenkomst nodig is. Dit kan inhouden dat het VK dezelfde dag van de melding al rechtstreeks contact opneemt met de ouders, het kind of andere betrokkenen. Het gebeurt ook dat het VK niet voldoende garanties heeft voor de veiligheid van een kind. Dan wordt er contact opgenomen met het Comité Bijzondere Jeugdzorg en/of justitiële instanties die de situatie dan verder coördineren.

Contact met het kind en zijn/haar gezin

Het VK probeert hulp te bieden of op te starten vanuit de behoeften van het kind. De positie van het kind staat centraal: “Wat heeft het kind of de jongere op dit ogenblik nodig?”
In het contact met het kind en/of het gezin wordt er door de hulpverleners van het VK benoemd hoe ze de situatie bekijken. De ongerustheid over een probleem wordt benoemd én verklaard. De ouders of andere volwassenen die verantwoordelijk zijn, worden duidelijk geconfronteerd met de ongerustheid over verwaarlozing of mishandeling.

Er wordt bij de volwassenen gestreefd naar erkenning. Dit houdt in dat de volwassenen kunnen toegeven (geheel of gedeeltelijk) dat er verwaarlozing of mishandeling plaatsvindt, dat zij hiervoor de verantwoordelijkheid opnemen en kunnen aanvoelen dat zij bij het kind/slachtoffer leed hebben veroorzaakt.

Verdere hulp

Er wordt met alle partijen (ouders, slachtoffers, andere kinderen of volwassenen) gezocht naar mogelijkheden om terug tot een veiliger samenleven te komen. In elke stap van de hulpverlening bekijkt het VK of het slachtoffer voldoende veiligheid wordt geboden.

Na de eerste fase, waarin de ouders aangesproken worden en zich engageren om te werken aan een veiliger samenleven, kan de verdere hulp vanuit het VK twee vormen aannemen:

  • Het VK verwijst de ouders naar andere hulpverleners om het kind en zijn gezin verder te begeleiden. Het VK wordt dan op de hoogte gehouden van de evolutie van de hulpverlening.
  • Indien er geen mogelijkheden zijn vanuit andere diensten om hulp op te starten, zal het VK de begeleiding verderzetten tot zolang het nodig blijkt.

Coördinatie

Soms is een aangemeld gezin reeds gekend bij verschillende hulpverleningsinstanties. Daarom kan het zinvol zijn dat de inspanningen van de betrokken diensten worden gebundeld en afgestemd op mekaar.

Het VK probeert om alle betrokken hulpverleners samen te brengen in een ronde-tafelconferentie of een netwerkoverleg en neemt, met akkoord van alle partijen, eventueel de coördinatie van het dossier op.

Vanuit de invalshoeken van elke dienst stellen we samen de diagnostiek op punt en werken we een gezamenlijke strategie uit. Indien nodig neemt het VK zelf contact op met het betrokken gezin om z’n positie in het dossier uit te leggen.

Andere opdrachten

  • Het vormings- en sensibiliseringsaspect. De deskundigheid en kennis die de VK’s sinds hun oprichting hebben opgebouwd, wordt doorgegeven via vormingen en opleidingen vanuit de VK’s zelf of door deelname aan studiedagen en externe opleidingen.
  • De VK's hebben ook als taak de bevoegde instanties systematisch op de hoogte te brengen van ontwikkelingen en knelpunten, tekorten en behoeften inzake hulpverlening rond kindermishandeling.

Erkenningsbesluit

Op 17 mei 2002 verscheen er een nieuw besluit van de Vlaamse regering, waarin de opdrachten van de Vertrouwenscentra Kindermishandeling werden geactualiseerd.  Ministrieel Besluit (application/pdf, 21.0 kB, info)

Mandaat van een VK

De hogervermelde opdrachten maken duidelijk dat kindermishandeling een complexe problematiek is, waarbij er heel wat redenen of oorzaken kunnen zijn waarom geweld ten opzichte van een kind is ontstaan. Omwille van deze complexiteit heeft de Vlaamse overheid de Vertrouwenscentra Kindermishandeling opgericht. 

De maatschappij geeft de VK's een mandaat om te werken met de problematiek van geweld op kinderen en jongeren. De VK’s hebben de officiële opdracht om mensen op kindermishandeling aan te spreken en hier hulpverlening voor te organiseren.

Illustratie :

Via deze link kan u kortfilms bekijken die de werking van de centra verder verduidelijken.

Printvriendelijke versie